In het kort
- Vraag
- Tandartsen en chirurgen moesten een ingreep digitaal kunnen voorbereiden: implantaten plannen op een CT-scan, de planning naar de boor brengen en een kaakoperatie voorbereiden.
- Aanpak
- Ik vertaalde klinische werkwijzen naar functionele analyses en ontwerpen, beheerde de productbacklog en toetste ontwerpen bij tandartsen en chirurgen.
- Opgeleverd
- Functionele ontwerpen voor NobelClinician, voor het samenbrengen van CT- en optische scans en voor de planning op een iPad-boorunit, en de basis van nieuwe software voor kaakchirurgie.
De context
Nobel Biocare maakt tandimplantaten, en software om het plaatsen ervan te plannen. Van 2012 tot 2014 werkte ik aan die software.
Het hart ervan was NobelClinician, desktopsoftware voor tandartsen en chirurgen. Daarin laad je de CT-scan van de kaken van een patiënt, en plan je in alle rust de implantaten: welk type, op welke plaats, hoe diep en onder welke hoek. Uit die planning komt een boormal (NobelGuide): een geleider die in de mond van de patiënt past, met hulzen in precies de geplande richting. Zo boort de chirurg gerichter dan uit de vrije hand. Dat heet geleide chirurgie, en in die tijd was dat behoorlijk vernieuwend.
User experience design was toen nog geen ingeburgerd begrip. Wat ik deed, heette functionele analyse en functioneel ontwerp. Samen met de business en met research and development, vooral wiskundigen en ingenieurs, bedacht en ontwierp ik nieuwe functies voor NobelClinician, en later ook voor andere software.
Een bord vol papier
We werkten in Scrum, in een team van zo’n vijftig mensen. Maar dan nog in het echt: met post-its, en tickets die ik afdrukte, zelf uitknipte en in de juiste kolom op het bord hing. Ontwikkelaars, testers, research and development, de business, mijn collega-analisten en de animatoren zaten allemaal op wandelafstand. Dat maakte het werk heel menselijk.
Mijn ontwerpen maakte ik in high fidelity in Axure. Flows tekende ik in Photoshop, en ik drukte ze af om ze samen te bespreken. Ik was eigenaar van de productbacklog, en na elke sprint gaf ik de demo aan de business: alles wat gebouwd was, overzichtelijk in een presentatie.
Ik ben geen arts. Om een ingreep goed in software te vertalen, lazen we dus grondig naslagwerken over hoe zo’n operatie verloopt. En we gingen te rade bij wie ze uitvoert: samen met een collega interviewde ik tandartsen en chirurgen, legden we hen ontwerpen voor en deden we acceptatietests met hen.
Bot en tandvlees in één beeld
Een CT-scan toont het bot. In NobelClinician kon je die doorlopen in alle richtingen: axiaal, coronaal en sagittaal, in een panoramisch beeld langs de kaakboog, in dwarsdoorsneden, en als 3D-model. Maar het tandvlees, het zachte weefsel, zie je op een CT-scan nauwelijks. Dat staat wel op een gipsmodel van de mond, en dat kun je optisch inscannen.
Research and development had een methode uitgewerkt om de twee op elkaar te leggen. Helemaal automatisch ging dat niet: de clinicus moest het opstarten en kunnen bijsturen, en in de scène elk object aan- en uitzetten. Voor al die stappen ontwierp ik de flows en functies. Zo zag de clinicus niet alleen het bot, maar ook de toestand van het tandvlees.
Van de planning naar de boor
In die jaren kwam de iPad op. Nobel Biocare werkte aan een boorunit die je met een iPad bedient (OsseoCare Pro), en de planning uit NobelClinician moest daar naartoe: de implantaten en alle stappen van de ingreep. De cloud was toen nog niet vanzelfsprekend, dus een planning synchroniseren tussen een desktopprogramma en een tablet vroeg heel wat denkwerk. Wie mag wanneer nog iets aanpassen? Hoe toon je de stappen tijdens de ingreep? Hoe ziet het dashboard van een boor eruit op een iPad, en met welke knoppen bedien je ze? Het was nog de tijd van skeuomorfisme, toen een interface er zo echt mogelijk uitzag, nog voor Apple in 2013 met iOS 7 alles plat maakte.
Kaakchirurgie, van nul
Voor maxillofaciale chirurgie kwam er volledig nieuwe software, en daarvoor legde ik de basis. Soms moet een kaak doorgezaagd en verzet worden, bijvoorbeeld na een trauma of bij een afwijkende kaakstand. De software moest zo’n operatie helpen voorbereiden. De scans van de kaken moesten erin, en deze keer ook de zenuwen, want die mag je niet raken. Met punten en vlakken zaag je de kaak digitaal door en zet je de delen op hun nieuwe plaats. De werkwijze leende veel van Photoshop: gereedschappen en lagen.
Waar het begon
Hier leerde ik het vak dat ik nog altijd doe: begrijpen hoe iemand werkt, dat vertalen naar een ontwerp dat een team kan bouwen, en samen met de mensen die het gaan gebruiken nagaan of het klopt. Toen voor tandartsen en chirurgen, met post-its en afgedrukte tickets in plaats van een digitaal bord.


